Persbericht VOC: Nederlands drugsbeleid op los zand gebouwd

Vandaag heeft de Vereniging voor Opheffing van het Cannabisverbod een persbericht verspreid met als conclusie: het Nederlandse drugsbeleid is op los zand gebouwd.

voc-logo_klein
Persbericht Vereniging voor Opheffing van het Cannabisverbod, 29 februari 2012 (klik hier voor PDF-versie)

NEDERLANDS DRUGSBELEID OP LOS ZAND GEBOUWD

Opeenvolgende Nederlandse kabinetten hebben wetenschappelijk onderzoek genegeerd dat de aannames waarop zij hun beleid baseren weerspreekt. Voormalig minister Donner blijkt zelfs een rapport te hebben vernietigd waaruit blijkt dat Nederland wel degelijk de aanvoer van coffeeshops kan reguleren zonder internationale verdragen te schenden. Dit laatste is tot nu toe door elk kabinet als argument gebruikt om regulering van de achterdeur tegen te houden.

Deze maand dook tot drie keer toe informatie op uit onderzoeken over cannabis die al geruime tijd klaar lagen, maar om onduidelijke redenen achter de hand zijn gehouden. Op 3 februari verscheen Geldbomen op zolder: thuiskwekers van hennep in beeld, opgesteld door IVA Beleidsonderzoek en Advies in opdracht van de Taskforce Aanpak Georganiseerde Hennepteelt. Het rapport bleek al vijf maanden op de plank te liggen. De bevindingen weerspreken het jarenlang door de Taskforce geschetste beeld als zou de kleinschalige cannabiskweker nagenoeg zijn verdwenen ofwel in de greep zijn gekomen van criminele organisaties. Deze aannames blijken nu onterecht. Enkele conclusies:

‘De gemiddelde betrapte thuiskweker van hennep is een man van ongeveer veertig jaar oud. Hij heeft meestal een betaalde baan en steeds vaker een koopwoning.’

‘Uit het dossieronderzoek blijkt dat meer dan vier op de vijf betrapte kwekers niet eerder is veroordeeld voor een strafbaar feit.’

‘In het onderzoek is geen bewijs aangetroffen dat sprake is van direct geweld of directe dwang tegen de thuiskweker van hennep.’

Eind februari lekte het rapport De aanpak van wietteelt in Nederland uit, gemaakt door het Pompe Instituut voor Strafrechtwetenschappen van de Universiteit Utrecht, in opdracht van de Stichting Politie en Wetenschap. Dit rapport, gedateerd maart 2009 (!), stelt onomwonden dat het publieke en politieke debat over cannabis wordt bepaald door aannames en ongenuanceerde uitspraken die niet worden gemotiveerd of gepreciseerd. Zowel journalisten als politici laten zich leiden tot uitspraken zonder dat de gebruikte termen zijn gedefinieerd of van bronnen zijn voorzien. Vaak blijven deze bronnen onbekend en kan men deze dus ook niet op waarde schatten.

‘Dit leidt er toe dat er allerlei verhalen en zelfs mythes circuleren, worden gerepeteerd en rondgepompt in ambtelijke kringen en mediacircuits, die uiteindelijk gebaseerd zijn op eenzijdige of onzorgvuldige informatie.’

Na de vele Indianenverhalen over de criminaliteit in de cannabisteelt die de afgelopen jaren door politici en woordvoerders van politie-instanties de wereld in zijn geholpen, komt uit beide onderzoeken naar voren dat het kweken van cannabis een vrij banale activiteit geworden is, waar vele  -voor het overige gezagsgetrouwe- Nederlanders zich mee bezig houden. Regulering van deze teelt is het meest eenvoudige en effectieve middel om het risico op criminele betrokkenheid uit te sluiten. Regulering is echter allerminst wat dit kabinet voorstaat.

Tenslotte ging op 23 februari De Achterdeur van Steven Kompier in première. In deze documentaire onthult hoogleraar Jan Brouwer (RuG) wat hij ‘een publiek geheim’ noemt. Het bekende onderzoek van het TMC Asser Instituut naar de ruimte om de achterdeur van coffeeshops te reguleren heeft een voorganger. Conclusie van deze oorspronkelijke versie: als de voordeur van de coffeeshops gereguleerd is, kan ook de achterdeur gereguleerd worden. Minister Donner besloot deze versie te vernietigen en een nieuw rapport te bestellen bij het Asser Instituut, met een aangepaste onderzoeksvraag. Die luidde nu: is het mogelijk om het gedogen uit te breiden naar de achterdeur? Daarop was het antwoord nee. Het onderzoek verscheen in december 2005 en wordt sindsdien keer op keer aangehaald als bewijs dat regulering onmogelijk zou zijn.

Door de publieke opinie en het parlement stelselmatig cruciale informatie te onthouden die het ongenuanceerde beeld had kunnen ontkrachten waarop de aangekondigde aanscherping van het coffeeshopbeleid wordt gebaseerd, hebben opeenvolgende kabinetten de Nederlandse bevolking bedrogen. Daardoor is het echte probleem van de coffeeshops, het gebrek aan gereguleerde aanvoer, niet opgelost en blijven we zitten met een onwerkbaar beleid. De huidige kabinetsplannen maken die situatie alleen maar erger. Niet de plant is het probleem, maar het verbod.

Comment (1)

  • nol van schaik 01/03/2012 at 3:51 am Reply

    Hennep Taskforce veroorzaakt kapitaalvlucht.

    Door de aankondiging van het a.s. Drugs Debat in de Tweede Kamer op 1 Maart verschenen er vandaag verschillende persartikelen over cofeeshops en de Wietpas.
    Ik wil ingaan op het artikel van de Groene Amsterdammer, ‘Drugsbeleid op drijfzand’, en in het bijzonder op de uitspraken van Mario Lap, de directeur van Stichting Drugtext.

    Hij zet ernstige kanttekeningen bij de beweringen van de godfather van het Hennep Taskforce, Max Daniel, die door zijn uitspraken dat 80 % van de in Nederland gekweekte nederwiet voor de export bestemd is, veel gemeenschaps geld ter beschikking kreeg.
    Hij had het over zware, georganiseerde criminaliteit en vond dat ingrijpen keihard nodig was en is.

    In het artikel wordt door meer instanties, o.a. het Trimbos Instituut, kritiek geleverd op de natte vinger berekeningen van Commissaris Max, maar niemand kan ze afdoende weerleggen, want hoe kan je zulke cijfers uberhaupt verkrijgen?
    Ik kan er wel een beetje meer duidelijkheid over verschaffen, want ik denk te weten dat Max Daniel, bewust of onbewust, een groep afnemers buiten beschouwing heeft gelaten, namelijk de cannabis consumenten die in 1 van de 340 Nederlandse gemeentes zonder coffeeshops wonen.
    Er zijn slechts in 101 Nederlandse gemeentes gedoogde coffeeshops, en volgens berekeningen van Intraval bedienen zij 40 % van de Nederlandse markt, de andere 60 % koopt dus op de zwarte markt.

    Ook wordt er, volgens Intraval, in de dorpen en steden zonder coffeeshops in percentages net zo veel cannabis gebruikt als in de steden met gedoogde coffeeshops, en er wordt dus ook net zoveel verkocht, via niet geregistreerde huis- en straatdealers.

    Als volgens Max Daniel 20 % (40% markt NL) van de in NL gekweekte wiet naar de coffeeshops gaat, gaat er dus 30 % (60% markt NL) naar de huis- en straatdealers in coffeeshoploze gebieden, en blijft er volgens mij 50 % over voor andere verkopers, zoals de z.g. Kilohuizen in Maastricht en andere grenssteden, en de export.
    Hoe kan een man als Max Daniel dit gegeven geheel buiten beschouwing laten, zonder opzet, want hij zou de cijfers van Intraval ook moeten kennen?

    Nu over de uitspraken van Mario Lap, die een rondje langs coffeeshops in diverse steden heeft gemaakt, en met heel andere gegevens komt.

    “” Intussen is er een beweging aan de gang die andermaal toont hoe onwaarschijnlijk de exportcijfers van de Taskforce zijn. Nederlandse coffeeshophouders zitten met de handen in het haar wegens de snel afnemende kwaliteit van de hun aangeboden cannabis. ‘Het gaat nu juist om import’, zegt Mario Lap, directeur van de stichting Drugtext en uitstekend ingevoerd in het milieu van coffeeshophouders en cannabisgebruikers. ‘Wat vanuit Nederland de shops in komt is werkelijk te treurig voor woorden.’ Door de jacht van de Taskforce zijn de beste telers verdwenen, zegt hij. Lap sprak coffeeshophouders in Haarlem, Amsterdam en Arnhem, en allemaal hadden ze hetzelfde verhaal. Zij betrekken nu hun wiet uit het buitenland. Er wordt inmiddels voor de Nederlandse markt geteeld in Duitsland, Frankrijk, Polen en Spanje. ‘Vaak door Nederlanders, want die bezitten de beste zaden.’ ””

    http://www.groene.nl/commentaar/2012-02-29/drugsbeleid-op-drijfzand

    Als het Hennep Taskforce iets bereikt heeft, is het dat er door hun ingrijpen weer op grote schaal kapitaalvlucht gaat plaatsvinden, uit een land dat officieel in recessie is, nota bene.

    Voor het fenomeen Nederwiet rond 1985 haar intrede deed in het Nederlands coffeeshop circuit, en buitenlandse cannabis producten van de markt begon te drukken, werd alle in coffeeshops aangeboden cannabis geimporteerd. Dat hield in dat het geld dat betaald werd voor deze producten grotendeels naar het land ging dat de hash of wiet produceerde, en een gedeelte in de zakken van de smokkelaars verdween.

    Dat veranderde langzaam maar zeker, toen Tante Beppies en de snellere hippies uitstekende Nederwiet begonnen te kweken en aan coffeeshops verkochten, er werd steed minder hash gerookt en verkocht, en dus ook minder geimporteerd.
    Uiteindelijk wist Nederwiet 85 % van de markt in en buiten coffeeshops over te nemen, en hierdoor stopten de grootschalige hash transporten uit landen als Marokko en Pakistan.
    Hierdoor stopte ook 85 % van de kapitaalvlucht naar die landen, en ‘verdwenen’ de inkomsten van de illegale, Nederlandse kwekers, via de aanschaf van luxe artikelen, in de Nederlands schatkist, gewassen en wel.

    Daar is ‘dankzij’ het Hennep Taskforce een einde aangekomen, nu begint er een kapitaalvlucht naar nieuwe, cannabis producerende landen op gang te komen, en niet alleen uit de door Mario Lap benoemde landen. Belgie, Tjechie en Litouwen hebben ook het groene goud ontdekt, en proberen mede het gat in de Nederlandse markt te vullen. Uiteraard met de wel uitgevoerde Nederlandse know how en techniek, want de politiek beschadigt alleen de cannabis cultuur, de cannabis industrie is het beste export product dat Nederland momenteel te bieden heeft.

    Ik draag, samen met mijn 645 collega’s, zo’n € 400.000.000,- aan inkomsten belasting per jaar af, aan een overheid die mijn achterdeur moeilijker toegankelijker maakt dan ooit tevoren.
    Ik vraag me dagelijks af waarom ik nog belasting betaal aan een overheid die me willens en wetens wil uitschakelen, en heb deze vraag nu bij een advocaat neergelegd. Ik wil stoppen met bijdragen aan een systeem dat me het werken systematisch onmogelijk maakt.

    Ik wil pas weer gaan bijdragen als ik cannabis met een factuur kan kopen, van een betrouwbare, geregistreerde, belastingbetalende Nederwiet kweker, en met mij mijn 15 Haarlemse collega’s.

    Nol van Schaik.
    Secretaris Team Haarlemse Coffeeshopondernemers. (THC)

Leave Your Comment

Your email address will not be published.*